U wilt uw woning in Nederland verhuren voor een periode van 6 maanden of langer. Waar moet u op letten?

 

Bereken hoeveel punten van toepassing zijn op uw woning volgens het puntensysteem van het woningwaarderingsstelsel.

 

Een belangrijke grens hierbij is de zogenaamde huurgrens, de grens tussen sociale huur en geliberaliseerde huur. Die grens is in 2019 vastgesteld op €720,42. Komt u boven die grens uit qua punten (in 2019: 142 punten of hoger), dan kunt u de hoogte van de huur zelf bepalen. Is dat niet het geval, dan is de hoogte van de huur gelijk aan het bijbehorende puntenaantal, zie deze tabel

Wanneer u onder de grens van 142 punten uitkomt en u wilt toch graag de huur zelf kunnen bepalen, hier een aantal tips om meer punten voor uw woning te genereren. Wanneer uw woning qua puntenaantal onder de huurgrens valt, gelden er aanvullende regels:

  • De woning mag niet langer dan een half jaar leeg staan;        
  • Degene die uw woning wil gaan huren heeft soms een huisvestingsvergunning nodig, dit is het geval in ongeveer de helft van de Nederlandse gemeenten;
  • Wanneer u uw woning verhuurt zonder huisvestingsvergunning, dan loopt u het risico op een bestuurlijke boete voor woonfraude. De hoogte van deze boetes varieert per gemeente, maar kan bijvoorbeeld in Amsterdam oplopen tot €20.500.

 

In algemene zin dient, ongeacht het aantal punten, de woning veilig te zijn voor bewoning, een gezonde leefomgeving te hebben en bij oplevering vrij te zijn van gebreken. 

Wanneer er een hypotheek rust op de woning die u wilt verhuren, moet u soms toestemming vragen aan de hypotheekverstrekker om de woning te kunnen verhuren. In enkele gevallen is het helemaal niet toegestaan om uw woning te verhuren. U kunt dit vinden in de voorwaarden van uw hypotheek of neem contact op met uw hypotheekverstrekker. Ook verzekeringsmaatschappijen of Verenigingen van Eigenaren kunnen voorwaarden hebben ten aanzien van het verhuren van uw woning aan derden.

 

Op het moment dat u uw woning wilt verhuren, dient u aan de nieuwe huurder (en ook wanneer u uw huis zou verkopen) het energielabel van uw woning kenbaar te maken. Dat energielabel vraagt u hier aan. 

Wanneer u als verhuurder uw woning verhuurt aan een huurder, gaat u met deze huurder een huurovereenkomst aan. Er bestaan  huurovereenkomsten voor bepaalde tijd en voor onbepaalde tijd. Het belangrijkste verschil is dat er bij een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd sprake is van huurbescherming voor de huurder. Dit kan nadelig zijn voor u als verhuurder. Bij een huurovereenkomst voor bepaalde tijd ligt de einddatum van de huurovereenkomst vast. Een huurovereenkomst voor bepaalde tijd kan voor maximaal 24 maanden (2 jaar) worden aangegaan. Huurovereenkomsten van langere duur zijn automatisch voor onbepaalde tijd. Ook als u een huurovereenkomst met een kortere duur dan 24 maanden zou verlengen, is er sprake van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Voorts dient u een huurovereenkomst voor bepaalde tijd tenminste drie maanden tot maximaal één maand voor het einde van de overeenkomst schriftelijk bij huurder op te zeggen. Doet u dat niet, dan is er automatisch sprake van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Tenslotte dient de huurovereenkomst te voldoen aan de wettelijke eisen.

 

Sommige gemeenten in Nederland hebben aanvullende eisen opgesteld, bijvoorbeeld voor zogenaamde middenhuur (lees: tussen de huurgrens van €720,42 en ca. €1000) of eisen ten aanzien van geluidsisolatie. Wanneer u uw woning wilt verhuren in Amsterdam of Den Haag, kunt u door op de betreffende link te klikken meer vinden voor wat betreft de aanvullende eisen die in deze gemeenten gelden.

 

Op het moment dat u een woning verhuurt, wordt u geacht de inkomsten daarvan op te geven bij uw belastingaangifte. Meer informatie daarover vindt u hier.

 

Gepubliceerd op 05 maart 2019

 


Gevolgen van de 'woondeal' voor verhuurders

De op 5 juli 2019 gesloten ‘woondeal’ tussen de MRA (Metropool Regio Amsterdam) en de Rijksoverheid, wat betekent dat voor verhuurders?

In de ‘woondeal’ komen een aantal maatregelen naar voren, waarvan dit voor verhuurders de belangrijkste zijn:

  •  Het scheppen van een mogelijkheid voor gemeenten om aan de hand van een percentage van de WOZ waarde van een woning te kunnen ingrijpen in de huurprijs wanneer sprake is van een (excessief) hoge huur.
  • Het aanpassen van het WOZ aandeel in de woningswaarderingstelsel (WWS) systematiek. Het komt nu vaak voor dat het aandeel WOZ punten t.o.v. van het totale aantal punten in de WWS de oorspronkelijk beoogde 25% (ver) overstijgt. De bedoeling is om het aandeel WOZ punten te maximaliseren op ongeveer een derde (33%).
  •  Er komt een onderzoek naar de (on)mogelijkheden van een (eventueel tijdelijke) zelfbewoningsplicht. Dat betekent in de praktijk dat een huiseigenaar onder bepaalde omstandigheden verplicht kan worden de woning alleen te gebruiken om er zelf in te wonen.
  • De MRA onderzoekt in samenwerking met de Rijksoverheid het toepassen van een verhuurvergunning en de mogelijkheden waarmee voorkomen kan worden dat verhuurders bij herhaling (te) hoge huren vragen.
  • Er wordt vanuit de Rijksoverheid gewerkt aan een ‘Wet Toeristische verhuur van woningen’, waarbij voor verhuurders én platformen voor toeristische verhuur een registratieplicht zou moeten gaan gelden. Op dit moment geldt in Amsterdam al een meldingsplicht voor verhuurders bij toeristische verhuur. Ook is het aantal dagen per jaar dat de woning aan toeristen verhuurd mag worden beperkt tot 30.

 

Gepubliceerd op 25 juli 2019